IVA Opleidingen heeft een

klanttevredenheid van 96% volgens Cedeo

De Cedeo-Erkenning staat voor inzicht in de kwaliteit
van ons aanbod aan opleidingen.

Wil je graag persoonlijk advies?

Nieuws

Blijf op de hoogte

Nieuwsbrief sociale wetgeving: Bovenwettelijke aanvullingen bij ziekte, 2nd opinion voor ZW eigen risico-dragers, afzien van WW-uitkering en meer nieuws

Bovenwettelijke aanvulling bij ziekte

Minister Asscher had er een jaar geleden al aandacht voor gevraagd en nu heeft ook de Stichting van de Arbeid decentrale cao-partijen expliciet verzocht na te gaan of in hun cao de afspraak uit het Najaarsoverleg 2004 over de bovenwettelijke aanvullingen bij loondoorbetaling bij ziekte op de juiste wijze is opgenomen en de cao-afspraak aan te passen indien deze niet voldoet.

Er was ooit een intentie afspraak gemaakt tijdens het Museumplein akkoord in de nacht van 4 op 5 november 2004 dat er tijdens de eerste twee jaar van ziekte niet meer dan 170% zal worden betaald. De praktijk is echter weerbarstig. Lang niet alle cao-partijen houden zich er namelijk aan.

Vindplaats: http://www.stvda.nl/nl/publicaties/nota/2010-2019/2017/20170904-loondoorbetalingenziekte.aspx

Kennisdocument Wet tegemoetkomingen loondomein

Het Lage Inkomensvoordeel (LIV) is ingegaan op 1 januari 2017. Het Loonkostenvoordeel (LKV) als opvolger van de bestaande premiekortingen gaat in op 1 januari 2018.

Beide tegemoetkomingen zijn erop gericht om werknemers met een (grote) afstand tot de arbeidsmarkt aan werk te helpen. Het Ministerie van SZW heeft een kennisdocument gepubliceerd met daarin vragen en antwoorden met betrekking tot deze Wet tegemoetkomingen loondomein.

Vindplaats: https://www.nbbu.nl/app/uploads/2017/08/Kennisdocument-Wet-tegemoetkomingenloondomein_juli-2017-002.pdf

Resultaatgenieters ook recht op minimumloon

Per 1 januari 2018 wordt de Wet op het minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML) zodanig aangepast dat deze ook van toepassing is op nader bepaalde overeenkomsten van opdracht.

Deze wijziging houdt in dat het minimumloon ook van toepassing is op personen die werkzaam zijn op basis van een overeenkomst van opdracht tenzij deze overeenkomst is aangegaan in de uitoefening van een beroep of bedrijf in welk geval er sprake is van echte zzp’ers. De ministerraad heeft ingestemd met een maatregel van minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Naast werknemers en de zelfstandig ondernemers kennen we nog een derde groep werkenden: personen die werkzaam zijn ls opdrachtnemer. Zij hebben geen arbeidsovereenkomst, maar voldoen evenmin aan de voorwaarden die gelden om als zelfstandig ondernemer aangemerkt te worden. Hierdoor is hun onderhandelingspositie meestal zwak. Om uitbuiting van deze groep te voorkomen besloot het kabinet daarom eerder al dat het werken op basis van een overeenkomst van opdracht (ovo) in iieder geval moest worden beloond met het wettelijk minimumloon (WML). Dit laat echter o ruimte voor discussie omdat er naast de ovo ook andere overeenkomsten zijn, zoals de aanneem- , uitgeef-, en vervoersovereenkomst. Het kabinet trekt deze nu allemaal gelijk wat tot gevolg heeft dat er zo'n zestigduizend mensen extra onder het WM vallen.
Gastouders die in hun eigen huis kinderen opvangen worden uitgezonderd van de regeling.

In de wet is opgenomen dat de minister met een algemene maatregel van bestuur het minimumloon ook van toepassing kan verklaren op andere groepen, waarvan de arbeidsverhouding maatschappelijk gezien gelijk kan worden gesteld aan een dienstbetrekking.

Vindplaats: https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-sociale-zaken-enwerkgelegenheid/nieuws

Een goede werksfeer, laten we dat zo houden

Deze prachtige titel slaat op een tool die het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid beschikbaar heeft gesteld op de website www.arboportaal.nl en waarin aandacht wordt gevraagd voor de wijze van omgang tussen collega’s en collega’s en leidinggevenden.

Pesten op het werk verpest de werksfeer en vormt een onderdeel van wat in vaktermen aangeduid wordt met de term PSA oftewel psychosociale arbeidsbelasting. Er is nu een tool beschikbaar om te komen tot antipestmanagement (mooi scrabblewoord;-).

Interesse gekregen? Kijk op de website: https://www.arboportaal.nl/onderwerpen/pesten/documenten/publicatie/2017/09/08/eengoede-werksfeer-laten-we-dat-zo-houden

Verzamelwet SZW 2018

Zoals elk jaar is er ook dit jaar weer een Verzamelwet SZW, een zogenaamde veegwet voor wat stukken klein beleid op het terrein van de arbeids- en socialezekerheidswetgeving. Deze verzamelwet is inmiddels naar de Tweede kamer gestuurd.

In deze Verzamelwet is onder meer het volgende geregeld:

  • 2nd opinion ook voor zieke werknemers van ZW eigenrisicodragers.

De zieke ex-werknemer van een eigenrisicodrager die een ZW-uitkering ontvangt, heeft naar analogie van de werknemers die nog in dienst zijn bij de eigenrisicodrager, de mogelijkheid een second opinion aan te vragen bij een andere bedrijfsarts dan de bedrijfsarts die normaliter de verzuimbegeleiding doet (artikel 63c ZW).

  • Structurele mogelijkheid leeftijdsdiscriminatie

Op grond van de wetgeving in het kader van gelijke behandeling mag een werkgever sollicitanten in principe niet verschillend behandelen op basis van hun leeftijd. Ongelijke behandeling van sollicitanten is alleen toegestaan als de wet daarvoor een basis biedt.
Zo mochten werkgevers op basis van de Begrotingswetten van SZW in de afgelopen jaren een voorkeur uitspreken voor jongere of oudere werknemers. Dit moest de jeugdwerkloosheid of werkloosheid onder ouderen tegengaan.
Demissionair minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wil het structureel mogelijk maken om ‘positieve leeftijdsdiscriminatie’ in vacatures op te nemen. In de voorliggende de Verzamelwet SZW 2018 staat een aanpassing van de Wet SUWI. In deze wet (de wet structuur uitvoering werk en inkomen), staan de regels waaraan het UWV is gehouden.
De voorgestelde aanpassing maakt het mogelijk dat de minister met een algemene maatregel van bestuur kan regelen dat werkgevers het recht krijgen om vacatures alleen voor bepaalde leeftijdscategorieën open te stellen. Het hoeft daarbij niet alleen maar te gaan om door het UWV ingevulde vacatures. Ook andere vacatures kunnen onder de algemene maatregel van bestuur vallen.
Er moet wel een goede reden zijn voor de maatregel, zoals het terugbrengen van een ouderen- of jeugdwerkloosheid. Het is nog niet bekend of werkgevers gelijk in 2018 de mogelijkheid krijgen voor bewust leeftijdsonderscheid in vacatures.

  • Afzien van aanvullende WW-uitkering

Werknemers kunnen hun WW-recht zelf stop zetten als ze tegen hun wil nog een aanvullende WW-uitkering ontvangen omdat zij minder verdienen dan voorheen. Ze hebben dan ook geen sollicitatieverplichtingen meer.
De maatregel moet zo snel mogelijk in 2018 in werking treden.

  • Verruiming meerlingenverlof ook van toepassing op bevallingsdeel

De beoogde wijziging van het meerlingenverlof is alvast toegevoegd aan de Verzamelwet SZW 2018.
Deze wijziging is daarmee uit het controversieel verklaarde wetsvoorstel tot aanpassing van het kraamverlof gehaald. De voorgestelde wijziging die het mogelijk maakt het als gevolg van een te vroege bevalling niet verbruikte deel van het extra zwangerschapsverlof te plakken aan het bevallingsverlof, kan op 1 april 2018 ingaan.

  • Leeftijdsgrens compensatieregeling per 1.1.2018 verlaagd naar 56 jaar

De leeftijdsgrens van de no-riskpolis voor voormalig WW-gerechtigde ouderen gaat omlaag naar 56 jaar. Deze voor werkgevers gunstige maatregel moet op 1 januari 2018 ingaan en geldt in eerste instantie tot en met 31 december 2019.

  • Recht op lage inkomensvoordeel bepaald op basis van SV-loon

Of een werkgever voor een werknemer het lage-inkomensvoordeel kan ontvangen, wordt in 2018 bepaald op basis van het sociale verzekeringsloon (sv-loon). Dit is bevestigd in de Verzamelwet. Let wel! De verzamelwet SZW 2018 moet nog worden aanvaard door de Tweede en Eerste Kamer.

Vindplaats: https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/detail?id=2017Z12011&did=2017D25110

Werkgever: vraag tijdig de no-risk status van een werknemer uit

U hebt als werkgever op grond van art. 38b van de Ziektewet de mogelijkheid om na twee maanden bij de werknemer uit te vragen of hij/zij de no-risk status heeft in verband met structureel functionele beperkingen. U mag niet weten welke no-risk van toepassing is.

De twee maanden termijn houdt verband met het verstrijken van de proeftijd. De werknemer is verplicht hier op te antwoorden.

Hebt u verzuimd om deze informatie uit te vragen komt dat komt dit voor uw eigen rekening en risico. Dat betekent dat u een boete opgelegd kunt krijgen op het moment dat u de ZWaangifte te laat bij het UWV indient. Dit geldt ook als u twijfels hebt bij de vraag of de werknemer wel naar waarheid zou hebben geantwoord als u het wel gevraagd zou hebben. Het is dus zaak altijd uitvraag te doen en de werknemer te laten tekenen voor datgene wat hij uiteindelijk over het al dan niet toepasselijk zijn van de no-riskpolis heeft verklaard. Dan hebt u in ieder geval bewijs dat u de informatie hebt uitgevraagd en wat de werknemer heeft geantwoord.

Zie: CRvB 30 augustus 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:3129. http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2017:3129

Werkgevers of verzekeraars kunnen herbeoordeling bij UWV aanvragen

Werkgevers kunnen bij het UWV vanaf nu ook een herbeoordeling van de gezondheid van een (ex-)werknemer aanvragen als de gezondheid van deze (ex-)werknemer verbetert of verslechtert.

Als de gezondheid van een (ex-)werknemer beter of slechter wordt, kan hij misschien meer of minder werken. Dat kan gevolgen hebben voor de hoogte of duur van zijn WIA-uitkering. Een werknemer kan zelf aan het UWV vragen of het UWV zijn gezondheid opnieuw willen beoordelen. Maar ook werkgevers of verzekeraars kunnen het UWV daar om vragen. Het UWV heeft daar een speciaal formulier voor ontwikkeld:

https://www.uwv.nl/werkgevers/eigenrisicodrager/eigenrisicodrager-wga/tijdens-eigen-risicodragen-wga/detail/herbeoordeling-gezondheid-een-ex-werknemer-aanvragenhoe-vraag-ikeen-herbeoordeling-aan

Als een werkgever/verzekeraar een herbeoordeling van een (ex-)werknemer aanvraagt, moet daar wel een aanleiding voor zijn. De aanvraag moet dus goed onderbouwd worden. Verzekeraars en andere instanties, zoals een administratiekantoor, konden al eerder een herbeoordeling aanvragen namens een (ex-)werkgever. Er is dan altijd een machtiging van de (ex-)werkgever nodig.

Wijziging Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag

Vanaf 1 januari 2018 moet over meerwerk ook het wettelijk minimumloon worden uitbetaald. Dit houdt in dat er vanaf 1 januari 2018 ook vakantiebijslag moet worden betaald over overwerk. Er is geen overgangsrecht overeengekomen. Dit betekent dat de bepaling directe werking heeft.

Concreet betekent dit dat na 1 januari 2018 ook vakantiebijslag moet worden betaald over overwerk dat vóór 1 januari 2018 is verricht. Een werkgever doet er goed aan om als hij dit wil voorkomen, er voor te zorgen dat het overwerk vóór 1 januari 2018 wordt uitbetaald of door de werknemer wordt opgenomen doordat deze tijdelijk minder te werken.

Vindplaats: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stb-2017- 24.html?zoekcriteria=%3fzkt%3dUitgebreid%26pst%3dStaatsblad%26dpr%3dAlle%26spd% 3d20170917%26epd%3d20170917%26jgp%3d2017%26nrp%3d24%26sdt%3dDatumUitgifte %26orgt%3dministerie%26planId%3d%26pnr%3d1%26rpp%3d10&

Hoogte transitievergoeding na twee jaar ziekte en bij hervatting in passend werk

Wat denkt u? Een werknemer heeft tijdens de ziekteperiode in passend werk hervat. Dit werk had een lagere loonwaarde dan de ‘bedongen arbeid’ waaruit de werknemer ziek is geworden. De vraag is dan als de werkgever na twee jaar arbeidsongeschiktheid afscheid van de werknemer wenst te nemen, wat het loon is wat als grondslag dient voor de bepaling van de hoogte van de transitievergoeding? Is dat het loon dat hoorde bij de passende werkzaamheden die de werknemer heeft verricht of is dat het loon dat behoort bij zijn eigen bedongen arbeid?

Het antwoord zal u wellicht niet verbazen: het betreft het loon in het kader van de bedongen arbeid oftewel het loon behorende bij de eigen functie. De kantonrechter in Roermond die eerdergenoemde vraag moest beantwoorden verwees naar de nota van toelichting bij het Besluit loonbegrip vergoeding aanzegtermijn en transitievergoeding waarin het volgende is bepaald: “dat een periode van afwezigheid wegens bijvoorbeeld ouderschapsverlof of ziekte geen gevolgen heeft voor de arbeidsduur als een vaste arbeidsduur was overeengekomen. De oorspronkelijke overeengekomen arbeidsduur wijzigt immers niet als de werknemer tijdelijk minder werkt wegens verlof of ziekte.
Bedoelde periode van afwezigheid heeft overigens uiteraard evenmin gevolgen voor de hoogte van het op dat moment voor de betreffende werknemer geldende bruto uurloon.”

Naar het oordeel van de kantonrechter volgt uit deze toelichting dat bij de berekening van de transitievergoeding moet worden uitgegaan van de oorspronkelijke overeengekomen arbeidsduur en het daarbij behorende loon.

Vindplaats: ktr. Roermond 13 september 2017, ECLI:NL:RBLIM:2017:8895 http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2017:8895

Langere ziekte-en herstelmeldingstermijn voor eigenrisicodragers Ziektewet

De termijnen voor het doen van ziekteaangifte en herstelmeldingen aan het UWV door werkgevers die eigenrisicodrager zijn voor de Ziektewet worden verruimd.

Voor een Ziektewet eigenrisicodrager gelden dezelfde termijnen voor het doen van ziekteaangifte en herstelmeldingen als voor werkgevers die geen eigenrisicodrager zijn. Die termijnen zijn vrij kort, omdat het UWV naar aanleiding van een melding een Ziektewetuitkering moet gaan uitkeren.
Een eigenrisicodrager is echter zelf verantwoordelijk voor het uitkeren van een Ziektewet-uitkering en stelt zelf het recht, de hoogte en de duur daarvan vast. Met andere woorden: hij verzorgt zelf de claimbeoordeling. Dit betekent dat het UWV bij eigenrisicodragende werkgevers een veel beperktere rol heeft dan bij nieteigenrisicodragende werkgevers.

Let op! Bij werkgevers die eigenrisicodrager zijn heeft het UWV een meer controlerende rol, aangezien de instantie wel eindverantwoordelijk is voor de uitvoering van de Ziektewet. Als de eigenrisicodrager zijn rol niet of niet goed heeft vervuld, neemt het UWV de verstrekking van de Ziektewet-uitkering op kosten van de eigenrisicodrager over.

Verruiming ziekteaangiftetermijn

Vanwege de beperktere rol van het UWV in de eerste fase van het ziekteproces, wil het kabinet voor eigenrisicodragers de termijn voor het doen van de ziekteaangifte verruimen naar zes weken vanaf de datum dat het dienstverband is beëindigd. De Tweede en Eerste Kamer moeten hier nog wel mee instemmen. De verruimde ziekteaangiftetermijn geeft eigenrisicodragers ook de mogelijkheid om de ziekte en het herstel tegelijkertijd te melden, als het herstel binnen zes weken plaatsvindt.
Een herstelmelding mag echter niet eerder worden gedaan dan de ziekmelding. Worden de ziekteaangifte en het herstel apart gemeld, dan geldt voor de herstelmelding een termijn van twee dagen nadat de (ex)werknemer zich bij de eigenrisicodrager beter heeft gemeld.

 

Met dank aan Monique van de Graaf:

Hebt u vragen over deze nieuwsbrief of kan ik u met juridisch advies van dienst zijn, neem dan gerust contact op via vandegraafjuridischadvies@gmail.com Meer informatie over arbeidsrecht en sociale zekerheid kunt u vinden in de boeken Arbeidsrecht 2017 voor de professional en Sociale zekerheid 2017 voor de professional

 

Geplaatst op Maandag 2 oktober 2017



© 2019 - IVA Opleidingen B.V. CodeOn Webdevelopment